“Kennis moet veranderen om haar te kunnen delen.

Intro maakonderzoek

Op dit deel van de website vind je blogs over maakonderzoek. Welke uitgangspunten gaan schuil achter deze vorm van onderzoek, welke werkwijzen zijn ontwikkeld en gebruikt? Ook vind je hier een werkplaats Maakonderwijs, waarin verslag wordt gedaan van makers en docenten die zelf experimenteren met werkwijzen, werkvormen, middelen en materiaal van maakonderzoek in hun onderwijs.


Achtergrond 

Het lectoraat HKU Research in Creative Practices is samen met groepen makers en makers-docenten vanuit de beeldende kunst, design, media en muziek op zoek gegaan naar hoe makers werken in creatieve praktijken (2015-2020). Het overkoepelend doel was om meer inzicht te krijgen in de vraag: hoe brengen en houden makers hun creatieve processen op gang? En hoe kunnen ze hierover kennis opbouwen die voor henzelf, voor andere makers en voor het onderwijs bruikbaar is. Dit maakonderzoek wordt de komende jaren verder gegrond in het onderzoeksgebied HKU Methodologie Maakonderzoek. De nadruk zal daarbij steeds sterker komen te liggen op het (didactisch) gebruik van maakonderzoek ter versterking van het onderwijs.

Wat is maakonderzoek?

Maakonderzoek speelt zich af in de context van artistieke en creatieve maakpraktijken, zoals die van een mediaontwerper, een componist, een interieurarchitect of een beeldend kunstenaar. Doel van maakonderzoek is om theorie op te bouwen vanuit de praktijk en ‘generatieve’ kennis te vormen die makers aanzet en inspireert om anders of beter te maken. Het gaat hierbij niet alleen om kennis die ‘tussen de oren’ zit maar ook om vaardigheden, feeling en expertise die door ervaring of overdracht zijn opgedaan. Deze doelstelling klinkt wellicht als heel vanzelfsprekend, maar is dat zeker niet. Veel onderzoek naar maakprocessen levert beschouwende artikelen op, die voor de makers niet zomaar bruikbaar zijn. Of biedt particuliere inzichten vanuit een individueel proces, zonder dat helder wordt wat een ander daarmee kan. In het maakonderzoek staat juist die bruikbaarheidsvraag centraal.

Hoe werken makers? 

Net als in andere beroepspraktijken is het in veel creatieve praktijken niet gebruikelijk om de eigen theoretische basis te expliciteren, daar actief op te reflecteren en onderliggende opvattingen ter discussie te stellen. Voor veel makers is het daarom moeilijk om onder woorden te brengen hoe ze werken, welke afwegingen ze maken en op grond waarvan ze van richting veranderen. Heel veel blijft impliciet. Maakonderzoek richt zich nu juist op het ontsluiten van dit soort makerskennis, waarbij het makend handelen, het niet-makend handelen en beschouwen met elkaar verweven zijn. Daartoe zijn werkwijzen ontwikkeld, zoals de makersdialoog die makers gericht aanzet om met detail en diepgang over hun creatieve processen te praten. De resultaten daarvan kunnen worden verwerkt tot bijvoorbeeld makersmanieren, maakpaletten, werkvormen en kenniselementen zoals je die je op deze weblog vindt.

Hoe werken makers en onderzoekers samen?

In maakonderzoek werken makers met onderzoekers samen. De kennis komt vanuit de makers voort, en wordt ook weer door de makers gebruikt. Zij zijn de dragers van de kennisvorming, en worden daarbij door de onderzoekers gestimuleerd en ondersteund. Dit vraagt om een andere dan de klassieke verhouding tussen onderzoekers en makers: de onderzoekers onderzoeken en de makers zijn subject. In maakonderzoek betrekken de onderzoekers de makers als co-actoren bij de opzet van het onderzoek, de interpretatie van gegevens en de deling daarvan met andere makers. De makers zelf werken in groepen samen en stemmen af wie welke activiteiten uitvoert en wat bij hen als maker past. In deze samenwerking werkt dus niet iedereen vanuit dezelfde rol of verantwoordelijkheid, maar wel op een manier die gelijkwaardige is en bijdraagt aan het onderzoek.

Wat bedoelen we met onderzoek?

In het maakonderzoek besteden we ook aandacht aan wat we eigenlijk onder onderzoek doen verstaan. In eerder onderzoek verdronken we bijna in de zee van onderzoeksopvattingen die we tegenkwamen. Waar de een stelde: ‘alles wat ik als kunstenaar doe is onderzoek’, stelde de ander met net zoveel kracht: ‘niets van wat ik als kunstenaar doe is onderzoek’ (IJzermans en Veerman, 2015). Om elkaar goed te begrijpen, als makers en als onderzoekers, hebben wij ervoor gekozen om de onderzoeksdefinitie te gebruiken van het Britse Research Excellence Framework (2012): ‘Research is a process of investigation leading to new insights, effectively shared.’ Onderzoek is volgens deze definitie niet alleen gericht op processen en het verwerven van inzicht, maar ook op het effectief delen daarvan. Dit sluit naadloos aan bij het doel van maakonderzoek: komen tot bruikbare opbrengsten, vanuit het perspectief van de maker gezien.


Lees verder:

Referentie naar interne publicatie:

  • IJzermans, Jan J. & Veerman, Arja L. (2015). HKU Maakonderzoek. Bundelingsproject: Onderzoek door maken en onderzoek naar maken. HKU Centrum voor Onderzoek & Innovatie.